Toespraak van rector prof. dr. George Harinck online
Gehouden tijdens de opening van het academisch jaar 2025-2026
Eenieder zal het dubbele gevoel herkennen van het begin van een nieuw school- of studiejaar, dat van gretigheid en schroom. Het terugzien van collega’s en medestudenten na een zomer van afwezigheid is aantrekkelijk. Het vooruitzien naar nieuwe colleges, naar vermeerdering van kennis en inzicht een verlokking. Na weken van verstrooiing komt de tucht en de vaart er weer in, oude contacten worden weer opgenomen, het ritme van de studie wordt weer eigen gemaakt en de tentamens worden gretig als stippen op de horizon gezet. Of je begint beschroomd: als je dit jaar voor het eerst bent ingeschreven: hoe ziet de wereld van de universiteit er uit, wat wordt er van mij gevraagd, wat zijn de mores hier, zal ik het aankunnen, een leven van studie en concentratie, van afzien en van nieuwe ontmoetingen en vreemde ideeën?
Hoogste vorm van onderwijs
Lasciate ogni speranza, voi ch’entrate, was een van de eerste dingen die ik las op de muur boven een portaal toen ik een halve eeuw geleden als eerstejaars het Leidse academiegebouw betrad: laat varen alle hoop, gij die hier binnentreedt. Het is het opschrift boven de poort van de hel uit Dante’s Inferno. De tekeningen naast de tekst wezen er op dat het om een bijna gesjeesde student ging, maar toch. Laat de hoop varen. Het nieuwe jaar aan een universiteit roept een naast verlangen ook spanning op, want inderdaad: er wordt hier wat van je gevraagd, je wordt op de proef gesteld. De universiteit biedt de hoogste vorm van onderwijs in onze samenleving, en je wordt uitgedaagd je hersens te kraken en je kracht te beproeven.
Maar wie de rem van de schroom loslaat en de vlag van de gretigheid laat waaien, eerstejaars of ouderejaars, wacht een groot loon. Je kennis en inzicht wordt hier vergroot, je karakter gevormd, je hart wordt uitgedaagd zich te verslingeren aan God en zijn wereld. We zien daarom als bestuur vol verwachting uit naar het komende academisch jaar, want wat is er mooier dan met studenten te werken, hun zucht naar kennis bevredigen, hun denken te kneden, hun ethos te vormen, hun taal te verfijnen en zo hun persoon en kennis te verheffen. Het kan niet anders, of dit moet ook onze docenten uitdagen en verrijken.
Steviger nestelen
Het onderwijs en onderzoek aan onze universiteit wordt ook dit jaar weer beter gefaciliteerd. We hopen in de komende maanden ons bibliotheek- en archiefgebouw te betrekken aan de Wittevrouwenstraat, een belendend pand van ons collegegebouw aan de Plompetorengracht en gelegen tegenover de Utrechtse Universiteitsbibliotheek. Zo nestelen we ons steeds steviger in het academiekwartier van Ultrajectum en blazen er ons partijtje mee met de buren, de katholieke School of Theology, Universiteit Utrecht, de Universiteit voor Humanistiek en de Protestantse Theologische Universiteit. Zij zijn goede buren en wij hopen dat ook voor hen te zijn.
Ons nest is ook dit jaar weer goed gevuld. Tot op heden mochten we dit jaar 24 nieuwe bachelor studenten inschrijven, voor de master en de premaster opleiding bijna veertig studenten, terwijl voor de diverse routes richting preekconsent en predikantschap veertien studenten werden ingeschreven. In totaal telt de universiteit bijna 200 studenten, de tientallen promovendi niet meegerekend. Speciaal noem ik onze buitenlandse studenten, die we steeds beter proberen te faciliteren, zowel qua studieprogramma als qua huisvesting. Deze studenten weten ook steeds beter de weg weten te vinden naar onze instelling voor gereformeerde theologie.
Een gemeenschap vormen
Ook qua docenten zijn we goed voorzien. De afgelopen periode werden aangesteld als aio Wiljo Bakker, als universitair docent Martine Oldhof voor systematische theologie en Jasper Bosman voor methodologie, als hoofddocent Steven van den Heuvel voor ethiek, terwijl Koert van Bekkum na een vruchtbare periode aan de Evangelische Theologische Faculteit Leuven terugkeerde op het oude nest als hoogleraar Oude Testament. Samen met bijna honderd onderwijzende en ondersteunende personeelsleden werken we er hard aan een universitas te vormen, een gemeenschap die kennis en wijsheid biedt en zoekt ten dienste van kerk en samenleving.